Historie Carnavalsvereniging De Böschule

De vereniging is opgericht in 1950. Dit vond plaats in het toenmalige cafe Reneerkens

aan de Bergstraat te Sibbe.

De mannen van het eerste uur waren Joep Reneerkens, Ber Grispen, Jan Smitsmans, Servaes Magermans, Sjef Schurgers, Huub Hendriks en Jan Hendriks.

Door de aanwezigen werd Joep Reneerkens (kastelein) uitgekozen als eerste carnavalsprins van de Böschule.

De naam Böschule is als volgt ontstaan: het huis Reneerkens stond bovenaan de Grubbe, midden in het bos. Daar kwamen ’s nachts altijd de üule bij elkaar.

Door enkele dames werden na de oprichting op hele korte tijd de eerste kostuums voor de leden van de Raad van Elf gemaakt van zwart binnenvoeringsstof en werden er ook

kleren gemaakt voor de hofdames.

Tijdens dit eerste carnavalsjaar was er meteen een carnavalsschlager met de titel:

“De jonges kome van Indie teruk en noe viere veer carnaval op Suub”

Eigenlijk was het de bedoeling om er geld mee te verzamelen voor een nieuw orgel

in de kerk. Maar het eerste jaar was zo’n succes dat de carnavalisten besloten om door te gaan. Door de watersnoodramp in 1953 werden alle activiteiten afgelast en daardoor bleef de prins van dat jaar (Jan Spronck) ook in 1954 de prins van de Böschule.

In 1954 werd ook de jeugdraad de Böschuulkes opgericht; de eerste jeugdprins was Hein Hoenjet.

Grote animator van de jeugdraad was Piet Delnoy.

Het carnavalsseizoen van de Böschule wordt traditioneel ieder jaar geopend met een ballonnenwedstrijd voor de jeugd op de zondag die het dichtst ligt bij de 11e van de 11e

De grote en kleine prins en hun raden van elf trekken dan, samen met de harmonie,

door het dorp waarna de uul en de ballonnen voor de kinderen worden opgelaten.

Aansluitend wordt het feest voortgezet in het cafe.

Vervolgens is er, gebruikelijk in het eerste weekend van januari, een 3-daags

carnavalsfeest in gemeenschapshuis De Blokhut in Sibbe.

Tijdens de grote- en kleine zitting worden de nieuwe grote- en kleine prins geproclameerd

nadat de “oude” zijn afgetreden.

Deze zittingen worden altijd opgeluisterd door artiesten zowel van eigen bodem als

van buiten.

De jeugdzitting wordt de laatste jaren helemaal verzorgd door jeugdige artiesten uit het eigen dorp.

In de aanloop naar het “carnaval” wordt door zowel de Böschule als de Boschuulkes

deelgenomen aan carnavalszittingen in de regio.

De Böschule zijn ook weken voor het carnaval al bezig met het ontwerpen en

maken van de prinsenwagen voor zowel de grote als de kleine prins.

Het carnaval wordt ingezet met deelname aan de heilige mis in de St. Rosakerk

op de zaterdagavond voor carnaval.

Op zondagmiddag vertrekt om 14.11 uur de grote optocht in Sibbe-Yzeren.

De optocht vertrekt in Yzeren en gaat vervolgens door Sibbe.

Vroeger ging de optocht ook nog naar het Gasthoes.

Maar in overleg met de optochtdeelnemers is dit geschrapt; iedereen was het

erover eens dat er teveel “open plekken” in de optocht zaten.

Na de optocht feesten de prinsen en hun raden van elf samen met hun “onderdanen”

verder in het dorpscafe.

Op maandagmiddag wordt deelgenomen aan de grote optocht in Valkenburg.

Op dinsdag wordt het naderende einde van het carnaval ingezet met een springmiddag voor de jeugd en het doorgaan tot in de laatste uurtjes.

Tijdens de carnavalsdagen bezoeken de grote en kleine prins, ,samen met hun raden van elf,de zieken uit het dorp die elders moeten verblijven.

Elke carnavalsvereniging viert een jubileum om de 11 jaar; dan wordt ook de jubileumprins

geproclameerd.

De jubileumprinsen van de Böschule tot nog toe:

1 x 11 jaar S. Herben

2 x 11 jaar J. Jacobs

3 x 11 jaar J. Hendriks

4 x 11 jaar J. Lemmens

5 x 11 jaar R. Willems

6 x 11 jaar B. Defaux

7 x 11 jaar ...

Bijzonder aan het 3 x 11 jaar jubileum was dat de jubileumactiviteiten `ondergronds`

gehouden werden namelijk in de Sibbergroeve.